Materieel
Het Loodswezen heeft zeegaande loodsvaartuigen, tenders, jollen, een SWATH en een helikopter tot haar beschikking. Klik op de foto of de tekst voor technische informatie.
Loodsvaartuig
De loodsvaartuigen zijn gestationeerd op de kruispost (PILOT STATION) op zee. Loodsen voor inkomende scheepvaart worden met de jol of tender vanaf het loodsvaartuig naar de schepen gebracht. Loodsen van uitgaande scheepvaart worden afgehaald door de jol of tender en naar het loodsvaartuig gebracht
De 26 meter lange vaartuigen danken hun grote stabiliteit voor een belangrijk deel aan de twee drijflichamen. De grote zeewaardigheid komt grotendeels door de constructie zelf. Door de kleine oppervlaktewaterlijn hebben golven nauwelijks invloed op het vaartuig. De SWATH's kunnen binnen vijf minuten zo'n tachtig centimeter dieper in het water liggen (ballasten) zodat ook schepen met een laag vrijboord goed beloodst kunnen worden.
Aan de zijkant van het loodsvaartuig hangt een jol. Met een davit (soort hijskraan) wordt de jol te water gelaten. Met behulp van deze kleinere boten worden de loodsen naar of van het schip vervoerd.
Een jetgedreven tender wordt gebruikt om loodsen aan boord te zetten (beloodsen) of de loods af te halen van zeeschepen. Een jetgedreven tender is sneller en groter dan een jol.
Een conventionele tender wordt gebruikt om loodsen aan boord te zetten (beloodsen) of de loods af te halen van zeeschepen. Deze tenders worden alleen nog als back-up gebruikt.
Als de weersomstandigheden zo slecht zijn dat noch een tender noch een jol het schip kan bereiken (stormbeloodsing), dan biedt de helikopter uitkomst.
English
Home